Veilig gebruik van kettingwerk bij hijsen

Veilig gebruik van kettingwerk bij hijsen is van groot belang om ongelukken te voorkomen en beschadiging aan de lading en het hijsmateriaal te minimaliseren. 

Onderstaande richtlijnen helpen bij een veilige en verantwoorde hijsoperatie.

Controleer de staat van het kettingwerk vóór gebruik.
Inspecteer het kettingwerk visueel op beschadigingen zoals vervorming, slijtage, roest, breuken of scheuren. Let op open of kromme schakels en beschadigde haken. Wanneer er afwijkingen worden vastgesteld, mag het kettingwerk niet worden gebruikt.

Berg kettingwerk correct op.
Bewaar kettingwerk op een droge, schone en veilige plaats, beschermd tegen hittebronnen, chemicaliën en andere omgevingsfactoren die de sterkte kunnen aantasten. Goed onderhoud en opslag verlengen de levensduur en betrouwbaarheid.

Gebruik kettingwerk dat geschikt is voor de toepassing.
Houd rekening met de Work-Load-Limit (WLL), de lengte en configuratie van het kettingwerk, de afstand tussen de haken en de afmetingen en vorm van de lading. Zorg dat het kettingwerk stabiel kan worden aangebracht zonder dat het kan twisten of knikken.

Grade 8 en Grade 10 kettingwerk

Kettingwerk wordt ingedeeld in sterkteklassen. Grade 8 en Grade 10 zijn het meest gebruikelijk bij hijsen.

  • Grade 8 is de standaard sterkteklasse voor algemene hijswerkzaamheden. Deze kettingen zijn robuust en betrouwbaar voor situaties waar de belasting voorspelbaar is.
  • Grade 10 heeft een hogere sterkte dan Grade 8. Hierdoor kan een G10-ketting bij dezelfde diameter een hogere werklast aan of kan hetzelfde werk worden uitgevoerd met een lichtere, dunnere ketting. Dit is vooral gunstig wanneer ergonomie belangrijk is of wanneer hogere belasting wordt verwacht.

Wanneer gebruik je wat?

  • Grade 8 wordt gekozen voor standaard hijsklussen zonder bijzondere eisen.
  • Grade 10 wordt gebruikt bij zwaardere toepassingen, wanneer hogere WLL nodig is of wanneer het gewicht van het kettingwerk beperkt moet blijven.

Zorg dat kettingwerk altijd voorzien is van een geldig certificaat.
Op het certificaat moeten minimaal staan:

  • Certificaatnummer
  • Werklast (bij sprongen onder verschillende hoeken)
  • (Her)keuringsdatum

Gebruik de juiste hijstechnieken.
Voorkom schokbelastingen en zorg dat de last gelijkmatig wordt verdeeld over alle kettingpoten. Houd rekening met de belasting per poot bij verschillende neigingshoeken. Vermijd draaien of knopen in de ketting en zorg dat deze goed is gespannen zodat de lading niet kan schuiven of wiebelen.

 

Zorg dat de juiste personen op de juiste plaats staan.
Tijdens elke hijsoperatie moet een ervaren en bevoegde persoon aanwezig zijn die toezicht houdt, signalen geeft en ingrijpt wanneer dat nodig is. Niemand mag onder een hangende last staan.

 

Gebruik de juiste persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM’s).
Denk hierbij aan handschoenen, veiligheidsschoenen, -bril en -helm. Waar nodig moet aanvullende valbeveiliging aanwezig zijn voor personen die het kettingwerk bedienen of op hoogte werken.

 

Houd altijd goede communicatie tijdens de hijsoperatie.
Heldere afspraken en duidelijke signalen tussen machinist, aanslagers en overige betrokkenen helpen om misverstanden te voorkomen en eventuele problemen tijdig te signaleren.

 

Door deze richtlijnen te volgen, verkleint u de kans op persoonlijke ongelukken en zorgt u ervoor dat zowel de lading als het hijsmateriaal in goede staat blijven.